Voeding en verzorging konijn

Voeding

Konijnen zijn herbivoren, ze eten alleen maar plantaardig materiaal. Ze hebben een lang maagdarmkanaal met een heel grote blinde darm en kunnen grote hoeveelheden vezels verwerken. Ze hebben dit ook nodig, zonder voldoende vezels en van te suiker- en vetrijk voedsel worden konijnen snel ziek.
Het ideale konijnendieet ziet er als volgt uit:

  • 80-90% van de voeding: fris ruikend hooi en eventueel een kleine hoeveelheid vers gras
  • 1 x daags 15-20 gram brokjes (dus niet gemengd konijnenvoer) per kilogram lichaamsgewicht
  • dagelijks vers groenvoer (als extra lekkernij), met name groene bladgroentes zoals andijvie, boerenkool, wortelloof, paardenbloemblad, sla, boerenkool maar ook witlof en broccoli vallen goed in de smaak

In de dierenwinkel wordt een scala aan konijnenlekkernijen verkocht. Pas hiermee op, een groot deel van deze producten zijn niet zo gezond en bevatten te veel snel verteerbare suikers. Denk aan yoghurtsnoepjes, knaagstaafjes, harde bolletjes etc. Ook brood en fruit zijn niet zo geschikt en moeten echt als een lekkernij bij uitzondering worden beschouwd. Een knaagsteen is niet nodig en bevat bovendien zoveel calcium dat het urinewegproblemen op kan leveren. Niet geven dus. Zorg altijd voor vers water, konijnen kunnen best veel drinken tot wel 100 ml/kg lichaamsgewicht per dag, afhankelijk van de hoeveelheid aangeboden groenvoer.

Verzorging

In de verzorging is ruimte en beweging heel belangrijk. Een konijn in het wild is gewend een groot deel van de tijd lopend voedsel te vergaren. Ook is een konijn een groepsdier, ze zijn niet graag alleen en voelen zich veel veiliger met z’n tweeën. Als de gelegenheid er is is het fijn om voor een maatje te zorgen. Je kunt het beste een mannetje en een vrouwtje bij elkaar plaatsen. Maar let op: Let op: een konijn kan al vanaf 3-4 maanden leeftijd geslachtsrijp worden. Op die leeftijd moet je ze apart zetten om te voorkomen dat ze nakomelingen krijgen. Een mannetje castreren kan vanaf 4-5 maanden leeftijd, een vrouwtje steriliseren pas vanaf 6 maand leeftijd.
Het advies is dus om eerst het mannetje te castreren en 2-3 weken later mag hij dan weer bij het vrouwtje. Later kun je dan het vrouwtje laten steriliseren.

Een grote ren of dagelijks de mogelijkheid om een paar uurtjes in een veilige ruimte vrij rond te rennen is ideaal. Ook voor de darmen is dit optimaal, een konijn heeft beweging nodig om een goede darmfunctie te garanderen.